LVS Leerlingen
ls gebruiker van WMK kunt u beschikken over een module om de competentie-ontwikkeling van uw leerlingen te scoren en te volgen. Uniek is, dat de leerling en zijn ouders –als partners in leren- betrokken worden bij zowel het scoren als het gericht werken aan samen gekozen en uitgewerkte verbeterdoelen.
De competenties
De POP-module in WMK is uitgebreid met een persoonlijk ontwikkelplan voor leerlingen. De kern van het POP wordt gevormd door een twaalftal competentielijstjes:
• Omgang met de leraar
• Omgang met andere leerlingen
• Gedrag
• Persoonlijke kwaliteiten
• Werkhouding
• Metacognitieve vaardigheden
• Zelfkennis
• Communicatieve vaardigheden
• Omgang met ICT
• Taalleesonderwijs
• Rekenen en wiskunde
• De schoolvakken
Modificeren
De leraar (schoolleiding) bepaalt in de ontwerpmodule welke competenties opgenomen worden in het POP van de leerling. Desgewenst voegt de leraar (schoolleiding) groepsspecifieke competenties en criteria toe. Daarna scoort de leraar de leerling op de criteria die horen bij de competentie.
Scoren
Met behulp van eigen (leerling)codes kunnen de leerlingen ook zichzelf scoren en zich laten scoren door hun ouders (met behulp van de oudercodes). Dat maakt WMK uniek: ook de ouders kunnen hun kind scoren met betrekking tot sociaal-emotionele factoren.
De leerling kan daarna beschikken over een overzicht van de scores van:
1. De leraar (LK)
2. De leerling zelf (LL)
3. Zijn ouders (OV)
Op basis van de gemiddelde scores maakt de leerling een verbeterplan: waar wil de leerling (samen met de leraar, en samen met de ouders) aandacht aan gaan besteden? Zowel de leraar als de ouders hebben zicht op het verbeterplan dat de leerling heeft gemaakt en op de activiteiten die ondernomen worden. Ze kunnen de leerling daarop bevragen, en tevens kunnen ze hem motiveren, stimuleren en uitdagen.
Rapportages
Zowel de leraar, de leerling als de ouder kan een compleet rapport downloaden (zie bijlage). Het rapport geeft via scoretabellen en grafieken inzicht in de scores per competentie, de scores per criterium en de gemaakte verbeterplannen. De leraar kan samen met de ouders en/of samen met het kind het rapport bespreken.
Een groepsoverzicht
De leraar kan tenslotte beschikken over een groepsoverzicht. Het groepsoverzicht geeft de namen van de leerlingen, de scores per competentie en de omzetting in een letter (A t/m E, met ieder een eigen kleur: er wordt zelfs onderscheid gemaakt tussen bijvoorbeeld hoog A en laag A etc.) De kleuren en de letters zijn afhankelijk van de gestelde normen. Op basis van de invulling van het toegevoegde analyseformulier bespreekt de leraar de scores en de analyse (en de conclusies) met de IB-er. Hij kan daarna op basis van de scores en de bespreking met de IB-er een groepsplan of individuele handelingsplannen opstellen.











